Anesthesietechnieken
Algehele narcose
Bij algehele narcose worden via een infuus of kapje narcosemiddelen ingebracht die u in een diepe slaap brengen.
Regionale anesthesie/plaatselijke verdoving
Bij een regionale anesthesie wordt een gedeelte van het lichaam bijvoorbeeld een schouder, arm, een been, of het gehele onderlichaam tijdelijk gevoelloos en bewegingloos gemaakt. Door een verdovingsmiddel rond een zenuw te spuiten kunnen zenuwen of zenuwbanen tijdelijk worden uitgeschakeld.Een arm of been kan worden verdoofd door de zenuwknoop (plexus) die naar het betreffende lichaamsdeel loopt tijdelijk uit te schakelen door rond de zenuwen een verdovingsmiddel te spuiten. Via de hals, onder het sleutelbeen of via de oksel wordt de verdoving voor een arm- of schouderoperatie toegediend. Het been wordt verdoofd via de rug, een bil of knieholte.
Bij regionale verdoving worden de zenuwen die op pijn reageren zo volledig mogelijk uitgeschakeld. Het gevoel verdwijnt soms niet helemaal. Het is mogelijk dat u voelt dat u wordt aangeraakt terwijl u geen pijn meer voelt. Vaak lopen de pijnzenuwen samen met de zenuwen die de spieren laten werken. Die worden met de verdoving ook tijdelijk uitgeschakeld. De spieren raken dan verlamd: ze werken even niet. Als de verdoving volledig is uitgewerkt, hebt u weer de normale kracht en beheersing over de spieren.
Meer informatie
Links ziet u verwijzingen naar informatie over de algehele narcose, ruggenprik en plexusanesthesie van arm of been.